Free Essay

Managen? Wat Een Onzin

In:

Submitted By tedc
Words 668
Pages 3
‘Managen? Wat een onzin.’ Van Jos Verveen.

Popper en Verveen over een eeuw aan management theorieën.

Jos Verveen betoogt in zijn artikel ‘Managen? Wat een onzin’ (Verveen, 2012) in de opinie-rubriek van het NRC dat de management theorieën van de afgelopen periode niet geheel nuttig zijn. Hij beweert in zijn artikel dat management theorieën die in de afgelopen eeuw onbetrouwbaar en vooral nooit daadwerkelijk bewezen zijn. Zo noemt hij als voorbeeld het bonussysteem waarvan de effectiviteit nooit wetenschappelijk bewezen is.

Volgens Verveen zijn de management theorieën die in de laatste jaren gevormd zijn niet empirisch bewezen en dus niet betrouwbaar. En ook volgens de ‘philosophy of science’ van Karl Popper (http://plato.stanford.edu/entries/popper/, 2009, a), Oostenrijks-Brits filosoof, zijn veel management theorieën niet betrouwbaar. Hij stelt namelijk dat mensen bij het vormen van theorieën kunnen kiezen uit oneindig veel mogelijkheden. Van al deze theorieën is echter een deel waarvan bewezen kan worden dat ze onjuist zijn. Nu kan men uit de overgebleven theorieën een rationele keuze maken. Dit gebeurt echter niet altijd. Zo verwijst Verveen in zijn stuk naar het bonussysteem dat nog steeds gehanteerd wordt maar in recent onderzoek als nadelig wordt beschouwd. Deze theorie zou volgens Popper onderdeel zijn van de theorieën die niet kloppen en dus niet betrouwbaar zijn. De filosoof stelt daarnaast ook nog eens dat geen enkele theorie als compleet juist kan worden bewezen maar slechts als ‘voorlopig bevestigd’. Als men op deze manier naar theoretisch onderzoek kijkt is in feite elke theorie niet geheel betrouwbaar.

In de afgelopen jaren zijn de gevormde management theorieën opgenomen in onze samenleving en wij hebben ze nooit meer losgelaten. Popper stelt de ‘growth of knowledge’ invloed heeft op onze samenleving en dat deze groei zorgt voor het ontstaan van sociale structuren zoals educatieve instellingen (http://plato.stanford.edu/entries/popper/, 2009, b). Hier wordt deze nieuwe opgedane kennis, zoals de onbetrouwbare theorieën over management, mensen aangeleerd en blijft men eraan vasthouden. Hij zegt hierover ook dat de acties van individuen binnen een samenleving vaak onbedoelde en onvoorspelbare consequenties hebben. In de context van het artikel van Verveen zouden we de negatieve invloed van management theorieën op het bedrijfsleven als deze consequenties kunnen zien. De claim van Verveen dat deze theorieën niet nuttig zijn is dan ook juist. Omdat men constant aan verkeerde ideeën blijft hangen komt men niet verder, en stilstand betekent in het bedrijfsleven vaak ook achteruitgang.

Ik denk dat Popper als aanhanger van het fallibilisme (http://plato.stanford.edu/entries/popper/, 2009, c) het constante overstappen van de huidige theorie naar een nieuwe (mogelijk maar een klein beetje) betere theorie een grote, maar ook erg belangrijke, uitdaging voor bedrijven vind. Zoals al eerder gezegd is het vasthouden aan theorieën die niet de gewenste uitwerking hebben niet wenselijk voor een bedrijf. Overstappen naar een nieuwe aanpak die ook maar een klein beetje beter is heeft al wel een positievere uitwerking op het bedrijf en zijn werkzaamheden. Wel denk ik dat dit een hele lastige opgave is aangezien men snel geneigd is om vast te houden aan bekende dingen. Verandering is voor velen iets wat men liever probeert te vermijden.
Zelf denk ik, gezien de tekst hierboven, dat Verveen gelijkt heeft als hij zegt dat managers hun instinct wat meer moeten volgen. Zo ben ik het eens met de uitspraak wat betreft het ontbrekende empirische onderzoek naar management theorieën. Mocht het zo zijn dat de bedoelde positieve uitwerking van een theorie niet bewezen kan worden of zelfs weerlegd, dan vind ik ook zeker dat je er zo snel mogelijk vanaf moet stappen. In dat opzicht ben ik het geheel met de fallibillistische houding van Popper eens. Al met al heeft Verveen gelijk dat managers wel wat vaker hun eigen intuïtie mogen volgen.

Bibliografie auteurs bekend * Verveen, J. (2012) ‘Opinie: Managen? Wat een onzin.’ http://content.nrccarriere.nl/2012/08/opinie-managen-wat-een-onzin/, 17 oktober 2012.

Bibliografie auteurs onbekend * http://plato.stanford.edu/entries/popper/, 2009, 17 oktober 2012.

Similar Documents

Free Essay

Product Placement

...Product placement Product placement 2014 Carlijne Peeks & Marlot Stuiver Begeleider: Ron Hobers 7-2-2014 2014 Carlijne Peeks & Marlot Stuiver Begeleider: Ron Hobers 7-2-2014 Beste meneer Hobers, Aan de hand van 4 deelvragen proberen wij de vraag: Hoe worden jongeren beïnvloed door (sluik)reclame? te beantwoorden. 4 deelvragen: 1) Hoe komt een reclame tot stand? 2) Hoe werkt het brein als het gaat om reclame, neuromarketing? 3) Wat is product placement? En hoe werkt het? 4) Wat voor soorten reclame uitingen zijn er allemaal? Ook door een enquête aan leeftijdsgenoten proberen wij uit te zoeken, hoe de gemiddelde tiener beïnvloed wordt. Groetjes Marlot Stuiver en Carlijne Peeks Inhoudsopgave Voorwoord……………………………………………………………………………………..1 Inhoudsopgave……………………………………………………………………………….2 Inleiding P.P…………………………………………………………………………………….3 Geschiedenis reclame……………………………………………………………………..5 Krantenartikelen………………………………………………………………………………6 Deelvraag 1……………………………………………………………………………………..10 Deelvraag 2……………………………………………………………………………………..14 Anatomie van de verleiding…………………………………………………………….17 Deelvraag 3……………………………………………………………………………………..22 Krantenartikelen incl. Apple…………………………………………………………….28 Golden globes nominaties……………………………………………………………….32 Film verslag ‘the greatest movie ever sold’……………………………………..34 Deelvraag 4………………………………………………………………………………………40 Gouden Loekies……………………………………………………………………………....45 Conclusie…………………………………………………………………………………………...

Words: 14921 - Pages: 60

Free Essay

Hsfh

...en/of geluksmachine pag [?] 5. Wel of juist niet bezuinigen? pag [?] 6. Regels, prikkels en psychologie pag [?] 7. Indicatoren: zegen of vloek? pag [?] 8. Vertrouwen als appeltaart pag [?] Conclusie: Wat valt er te kiezen? pag [?] Inleiding Mensen leven samen in groepen, want goed samenleven heeft evolutionaire voordelen. Het feit dat wij homo sapiens de taken tussen man en vrouw verdelen, maar in geval van nood voor elkaar in kunnen springen, gaf ons een duidelijk voordeel ten opzichte van de sterkere en minstens zo slimme Neanderthaler. En in weerwil van de dominante idealisering van individuele excellentie op school, het sportveld, of in het bedrijf, is goed samenleven voor de mens vele malen belangrijker dan zijn of haar cognitieve en lichamelijke kwaliteiten. Zo is een mens van gemiddelde lichamelijke en intellectuele kunne veel beter af in een goed georganiseerde samenleving als de Nederlandse, dan in een slecht georganiseerde samenleving als die van pak ‘m beet Zimbabwe, of die van Nederland honderdvijftig jaar geleden. De bovengemiddelde mens trouwens ook, om maar te zwijgen van de benedengemiddelde mens. Te wonen in het Nederland van begin éénentwintigste eeuw is dan ook niets minder dan een lot uit de loterij. Hoeveel mensen wonen er niet in veel slechter georganiseerde en minder ontwikkelde samenlevingen, nu en in het verleden? Hoeveel mensen proberen er niet dagelijkse ons...

Words: 36289 - Pages: 146